15 08, 2026

Pothuis en ‘ijskohokje’

2026-08-15T06:41:33+00:0015 augustus 2026|0 Reacties

Tijdens mijn onderzoek naar de Sédyksters – een verdwenen leefgemeenschap langs de zeedijk – kwam ik in oude archieven een bijzondere familienaam tegen: Pothuisje, later ook Pothuis. Mijn aandacht werd vooral getrokken door Pieter Pothuisje (1811-1849), die aan de zeedijk woonde onder Tzummarum, in het eerste huis vanaf Dykshoek. Terwijl ik me verder verdiepte in deze familiegeschiedenis, kreeg ik bericht van de Stichting Bildts Aigene. Zij hadden een stapeltje oude rouwbrieven klaarliggen voor het dorpsarchief van Minnertsga. Het ging om rouwbrieven van Pieter Braaksma en zijn vrouw Jeltje Pothuis en verwante familieleden. Dat was voor mij een mooie aanleiding om me verder te verdiepen in dit echtpaar. Al jarenlang bewaar ik namelijk een knipsel over hen uit het vroegere tijdschrift Fan Fryske Grûn. Deze vondst bracht het verhaal ineens weer tot leven. Wie was Jeltje Pothuis? Jeltje Pothuis is geboren op 19 september 1855 in Firdgum als dochter van Jan Pothuis (1822–1864) en Klaasje Zijlstra (1820–1886). Haar vader kwam van oorsprong uit Firdgum, waar hij is geboren en overleden. Haar moeder kwam uit Sint Jacobiparochie en stierf op 66-jarige leeftijd in Minnertsga. Jeltje groeide op in een gezin van vader en moeder en zes zussen. Zij was de tweede in de rij. Een jonger zusje heeft zij nooit gekend, omdat dit kind al vóór Jeltje haar geboorte is overleden. Eind november 1877 is Jeltje in Minnertsga ingeschreven als dienstmeid. Op dat moment is zij zwanger, en in maart 1878 bevalt zij van haar zoon Jan, van wie zij als ongehuwde moeder werd geregistreerd. In de geboorteakte wordt niet expliciet vermeld dat de vader onbekend is, hoewel dat destijds vaak wel gebeurde. Enkele maanden na de bevalling raakte zij opnieuw zwanger en begin april 1879 kreeg zij een dochter, Klaasje. De geboorte van haar eerste kind is aangegeven door Foppe Faber, terwijl bij de tweede aangifte de naam van arbeider Pieter Braaksma wordt genoemd. Zoon Jan is in Sint Jacobiparochie geboren en Klaasje in Minnertsga. Uit het bevolkingsregister blijkt dat Pieter Braaksma op 20 mei 1878 is ingeschreven in Minnertsga, samen met Jeltje Pothuis en haar zoon Jan, die de achternaam Pothuis draagt. Achter zijn naam staat de aanduiding ‘onecht’. Volgens het register zijn zij overgekomen uit Sint Jacobiparochie. Jeltje’s dochter Klaasje werd op de dag van haar geboorte al als inwoner van Minnertsga geregistreerd, eveneens met de aantekening ‘onecht’. Nadat ze van de twee ‘onechte’ kinderen was bevallen, trouwde zij in juli 1880 met de man die wij al eerder is genoemd, Pieter Braaksma. Beide zijn zij dan 24 jaar. In de huwelijksakte staat het volgende genoteerd: ‘Voorts verklaarden de comparanten bij deze voor het hunne te erkennen een kind van het mannelijke geslacht genaamd Jan, geboren te Sint Jacobiparochie den tienden Maart achttienhonderd achtenzeventig en een kind van het vrouwelijke geslacht genaamd Klaasje geboren te Minnertsga den elfden April achttienhonderd negenenzeventig, beide uit Jeltje Pothuis.’ Daarmee kregen de beide kinderen de familienaam Braaksma toegekend. Later zijn er in [...]

14 05, 2026

Vrouw bevalt van twintig kinderen

2026-05-14T09:00:25+00:0014 mei 2026|1 Reactie

Bij stamboomonderzoek kom je soms bijzondere verhalen tegen. Grote gezinnen waren vroeger heel normaal, maar deze week deed ik toch een opmerkelijke ontdekking. Tijdens onderzoek naar de familie van Janke de Valk (1869–1935) stuitte ik op een echtpaar waarvan de vrouw maar liefst twintig kinderen kreeg. Janke werd geboren in Minnertsga als dochter van Douwe de Valk en Dirkje Kas. Op 19 mei 1894 trouwde zij, 25 jaar oud, met de 28-jarige Harke Harkema uit Tzummarum. Samen kregen zij drie kinderen: Dirkje, Baukje en Steven, allemaal geboren in Tzummarum. De oudste dochter, Dirkje, werd geboren op 7 april 1895. Net als haar moeder trouwde zij op 25-jarige leeftijd. Haar echtgenoot was de 31-jarige Pieter Jepma, rijwielhandelaar in Tzummarum. Daar leek het verhaal van de familie De Valk aanvankelijk mee afgedaan. Toch werd mijn nieuwsgierigheid gewekt door Pieter Jepma. Op de website van Oud Tzummarum vond ik namelijk een foto van Pieter en Dirkje voor hun rijwielhandel. Opeens kregen de namen uit de stamboom een gezicht en begon de geschiedenis echt tot leven te komen. Pieter had de rijwielhandel enkele jaren vóór zijn huwelijk overgenomen van een zekere M. Vis, die al langer actief was als fietsenmaker en handelaar. Over deze M. Vis zijn nog maar weinig familiegegevens bekend. Mogelijk werkte Pieter eerst bij hem in de zaak voordat hij deze overnam, al ontbreekt daarvoor nog bewijs. In een fraaie advertentie in de Franeker Courant werd de overname destijds bekendgemaakt. Uit latere advertenties blijkt bovendien dat Pieter ambitieuze plannen had. De werkplaats bleef tot 12 mei 1917 in hetzelfde pand gevestigd, mogelijk omdat hij ondertussen nadacht over uitbreiding of verhuizing. Misschien speelde ook Dirkje daarin een rol, want naast fietsen verkocht de zaak ook naaimachines. Of zij daadwerkelijk meewerkte in de winkel weten we niet zeker, maar het maakt het verhaal des te levendiger. Pieter Jepma met zijn vrouw Dirkje voor hun winkel in Tzummarum.  Toen ik vervolgens de afkomst van Pieter Jepma verder onderzocht, wachtte opnieuw een verrassing. Pieter bleek afkomstig uit een gezin van maar liefst twintig kinderen. Hij was het tiende kind uit het huwelijk van IJsbrand Jepma (1852–1926) en Geeske Buren (1855–1934). Maar na de geboorte van Pieter lijkt de lijst met geboortes niet te eindigen. Geeske was pas twintig jaar oud toen zij in april 1876 als ongehuwde moeder van haar eerste kind beviel. Op 11 oktober 1877 trouwde zij met IJsbrand Jepma, die het eerste kind officieel erkende als zijn eigen zoon. Opvallend genoeg was Geeske tijdens het huwelijk al hoogzwanger, want slechts zestien dagen later, op 27 oktober, werd hun tweede kind geboren. In de jaren die volgden bleef het gezin groeien. Geeske was 46 jaar oud toen zij haar twintigste kind kreeg. Achter die indrukwekkende cijfers schuilt echter ook veel verdriet. Acht van haar kinderen overleden al vóór hun derde levensjaar — een harde werkelijkheid die in die tijd helaas veel voorkwam. Geeske Buren overleed op 78-jarige leeftijd, nadat zij acht jaar [...]

24 04, 2026

Ferniawei 10 – ook een pand met geschiedenis

2026-04-24T14:20:37+00:0024 april 2026|0 Reacties

De aanleiding voor dit onderzoek was een ogenschijnlijk eenvoudige vraag die tijdens een open inloopdag in het dorpsarchief werd gesteld: wat is er bekend over de geschiedenis van het woonhuis aan de Ferniawei 10? Voor de werkgroep Minnertsga Vroeger vormde dit het begin van een zoektocht in de openbare archieven – een zoektocht die al snel verrassend veel opleverde. Het pand vlak voor het pand met uitstaand zonnescherm is Ferniawei 10.  Wanneer het huidige pand wordt vergeleken met de kadastrale kaart uit 1832, valt direct op dat het huis er toen heel anders uitzag. In de loop van de negentiende en twintigste eeuw moet het dus ingrijpend zijn verbouwd. Mogelijk is het zelfs geheel herbouwd. Vanaf 1832 laat de geschiedenis van het perceel zich redelijk goed reconstrueren. Voor de periode daarvoor ontbreken betrouwbare bronnen, waardoor dit jaar een logisch beginpunt vormt. In dat jaar staat het huis geregistreerd op naam van Nanne Jacobs, die in 1811 de achternaam Elgersma aannam. Hij was gehuwd met Japke Gerlofs, die in latere archiefstukken eveneens onder deze naam voorkomt. Het echtpaar kreeg twee kinderen: Jacob en Antje. Over Jacob is weinig bekend; vermoedelijk is hij jong overleden. Dochter Antje trouwde met gardenier Jelle Harmens Walda. In oktober 1830 kwam het huis volledig op hun naam te staan. Antjes moeder was toen na het overlijden van haar man hertrouwd en woonde in de omgeving van Leeuwarden, waar zij in 1831 overleed. Antje en Jelle woonden op dat moment al enige tijd op het Westeinde, later Ferniawei genoemd. Na het overlijden van Jelle in januari 1854 werd het huis, namens Antje en haar kinderen, openbaar verkocht. Voor een bedrag van 1.131 gulden kwam het in handen van landbouwer Paulus Seerp Anema. Het pand bleef vervolgens jarenlang in bezit van de familie Anema. Een belangrijke gebeurtenis vond plaats op zaterdagavond 21 november 1885. In het café van kastelein Aebe Stienstra – destijds bekend als Café Hermana – werd een openbare verkoop gehouden onder leiding van notaris Siemon Mossel uit Sint Jacobiparochie. Het betrof een burgerwoning met bleekveld, tuin, erf en vrije steeg aan de westzijde van Minnertsga. De veiling werd geleid door dorpsomroeper Lolle Pieters Steensma, die met luide stem de biedingen begeleidde. Opmerkelijk genoeg bracht hij zelf ook een bod uit. Hij deed dit echter namens winkelier Douwe Steinfort, die met een bod van 1.632 gulden de nieuwe eigenaar werd. Bij deze verkoop kwam bovendien een bijzonder detail aan het licht. Een klein stuk grond achter het huis bleek in het verleden zonder officiële akte te zijn overgedragen en stond kadastraal nog op naam van een eerdere eigenaar. Omdat dit perceel formeel bij de verkoop werd betrokken, verkreeg Steinfort ook dit stukje grond – een onverwachte meevaller. Lang bleef het pand niet in zijn bezit, want al een jaar later werd het opnieuw verkocht. Bakker Pabe Bruinsma werd toen de hoogste bieder met 1.800 gulden. In 1899 kwam het huis in handen van meesterkleermaker [...]

18 12, 2025

Uit het dorpsarchief

2025-12-18T07:54:34+00:0018 december 2025|0 Reacties

Het is de afgelopen tijd stil geweest op deze MV-pagina. Dat wil echter niet zeggen dat er niets is gebeurd achter de schermen. Onze afwezigheid had een verdrietige reden. Op 4 december is Nico Zonderland (73) plotseling overleden. Nico was een zeer betrokken vrijwilliger die een belangrijke bijdrage heeft geleverd aan de renovatie van het ’t Alibi-gebouw, waarin het dorpsarchief is gevestigd. Tijdens de inloopdag van vorige week waren wij dan ook met gemengde gevoelens aanwezig in het dorpsarchief. We zijn Nico bijzonder dankbaar voor alles wat hij voor het dorpsarchief heeft gedaan en zullen hem missen. Begin december hebben wij vier grammofoonplaten overgebracht naar het Fries Film Archief. Op deze platen staan opnames van het luiden van de kerkklokken, gemaakt in maart 1943. In die tijd werden de bronzen klokken door de Duitse bezetter gevorderd om omgesmolten te worden voor munitie. Tijdens het concert 80 jier Frijheid in oktober hebben we al een fragment van zo’n opname laten horen bij het verhaal over de klokkenroof. Dat bracht ons op het spoor van restauratie en digitalisering van de platen. Mogelijk zijn hierop ook de klokken van Goutum vastgelegd. Als dat zo is, gaat het om unieke opnames: de enige twee die in onze provincie bekend zijn. We kijken dan ook vol spanning uit naar het resultaat. Daarnaast kregen we vorige week bezoek van twee dochters van Sipke Vis en Tjitske van Dokkumburg. Zij schonken ons een prachtige verzameling foto’s uit de nalatenschap van hun ouders. Deze foto’s zijn inmiddels gescand en opgenomen in de Collectiebank. Dankzij deze beelden kunnen we weer verschillende vroegere dorpsbewoners een gezicht geven. Hier zijn de mannen bezig met het draineren van het land met stenen drainagebuizen. Vlnr: bij het paar Klaas Hamer, Sipke D. Vis, dan twee onbekende personen envervolgens Pieter K. Hamer (vader van Klaas) en Dirk Vis.

23 11, 2025

Nieuws uit het dorpsarchief

2025-11-23T10:38:52+00:0023 november 2025|0 Reacties

Wat hebben we een prachtig weekend gehad op 10, 11 en 12 oktober! Alles stond in het teken van ’80 jier Frijheid’. Na maanden van voorbereiding mochten we, samen met Muziekvereniging Oranje, werken aan dit bijzondere project. We begonnen met gastlessen voor de bovenbouwleerlingen van de basisschool. Daar vertelden we over bijzondere gebeurtenissen in ons dorp tijdens en na de Tweede Wereldoorlog. Op 10 en 11 oktober mochten we veel bezoekers ontvangen bij de expositie in de Doarpsfinne, waar ook de schoolkinderen een kijkje kwamen nemen. Na afloop kregen ze allemaal een mooie kaart met daarop de woorden ‘Geef Vrijheid Door’ én een speldje van de vrijheidsfakkel. De zaterdagavond stond in het teken van het indrukwekkende Vrijheidsconcert in de Meinardskerk. Verschillende vertellers brachten korte twee-minutenverhalen over de oorlog en de bevrijding in ons dorp. Sommige verhalen hadden zelfs een directe link met Muziekkorps Oranje. Als waardige afsluiting van dit bijzondere weekend vond er een speciale kerkdienst plaats, eveneens in het teken van ’80 jier Frijheid’. Al met al een prachtig en geslaagd project, waar we als medeorganisatoren met trots aan hebben meegewerkt. Tijdens de recente inloopmiddagen op de tweede en vierde donderdag in ’t Alibi mochten we weer veel bezoekers verwelkomen. Er kwamen mooie gesprekken op gang over het Minnertsga van vroeger, en opnieuw zijn er oude foto’s en documenten aan het dorpsarchief toevertrouwd. Bij Bildts Aigene is bovendien een flinke stapel originele documenten van het zangkoor Fryske Stimmen gevonden. Deze zijn inmiddels veilig overgebracht naar Minnertsga. Uit de liquidatie van de Stichting Simon Kamminga Museum in Berltsum ontvingen we een bijzondere schenking: een prachtige potloodtekening van de woonwagens die vroeger op Moaie Peal stonden. Van deze overdracht is een overeenkomst gemaakt, waardoor het dorpsarchief nu ook eigenaar is van het auteursrecht van de tekening van Simon Kamminga (1895-1984). Ook via Muziekvereniging Oranje kwam een bijzondere aanwinst binnen: een originele foto uit 1898 van de eerste leden van het muziekkorps. Deze foto is veel scherper dan het exemplaar dat we al in bezit hadden. De afdruk is afkomstig van een zekere meneer Ligtermoet uit het midden van het land, die zelf niet weet hoe de foto ooit in zijn familie terecht is gekomen.

Ga naar de bovenkant