24 11, 2013

Filmfragment Meinardswei 1966

2013-11-24T18:57:08+00:0024 november 2013|0 Reacties

Op het You Tube-kanaal van Minnertsga vroeger, is weer een nieuw filmfragment toegevoegd. Deze keer een filmfragment van de Meinardswei uit de dorpsfilm van 1966. Eelco Smidt en zijn vrouw Tietsie vroegen om beelden van hun (schoon)ouders Pier en Marijke. Maar niet alleen Pier en Marijke staan er op. Ook Swierstra en zijn vrouw staan er op, verder nog o.a. Maartje Sijbesma, Vrouw Van Dijk met haar zoon Gerrit van Van Dijk's bazar, Jan Jeltema en nog veel meer.

17 11, 2013

Uw eigen verhaal: Jaap Kooiker herkent zijn vader op filmfragment

2013-11-17T14:51:28+00:0017 november 2013|1 Reactie

De website Minnertsga vroeger is onlangs een beetje aangepast. Op de voorpagina worden bezoekers uitgenodigd om hun eigen verhaal of herinnering aan Minnertsga op te schrijven en dat vervolgens te delen (zo heet dat tegenwoordig) met anderen. Oud-Minnertsgaaster Jaap Kooiker uit Leeuwarden heeft van die uitnodiging gebruik gemaakt.   Piet Kooiker met grote trom Hij schrijf: ‘ Naar aanleiding van de filmpjes op de website Minnertsga vroeger, wil ik het volgende aan je kwijt. Het filmpje ( klik hier ) over het muzikaal inhalen van de bejaarden van Minnertsga sprak mij erg aan, temeer omdat mijn vader Piet voorop loopt met de grote trom. Toen ik dit filmpje bekeek kwam ook weer het verhaal boven, wat mijn vader ons destijds vertelde en wat ik hierbij wil doorgeven.   Het muziekkorps Oranje was in die periode naar een muziekconcours (ik weet niet meer waar dat was) en het korps zou ‘s avonds ook meedoen een de mars wedstrijd. In die tijd was het korps nog niet zo ingesteld op dit onderdeel. De toenmalige dirigent, De Jong, kon hier niet zo goed mee overweg. Piet Kooiker met grote trom in 1954 Voordat de wedstrijd begonnen was hadden de mannen ook al een slokje gehad en hadden grote tromslager Pieter Kooiker en de bekkenist Piet Wassenaar met elkaar afgesproken “wy sille se rinne litte”. Zij waren natuurlijk de mannen die het tempo aangaven omdat toen der tijd de grote tromslager en de bekkenist voorop liepen. Het tempo lag hoog en dat werd hen niet in dank afgenomen. Iedereen was kwaad op de twee gangmakers. In spanning werd er gewacht op de uitslag van de jury en die luide: 1e prijs met lof van de jury voor Oranje Minnertsga. Vervolgens werd er nog maar een borrel ingeschonken’.   Jaap zijn vader was onderhoudsschilder bij de LABO. Het gezin Kooiker kwam in 1951 vanuit Idskenhuizen naar Minnertsga. Jaap zijn vader is eerst in de kost geweest bij Jan en Griet Hibma. Jan Hibma zat zelf ook bij het muziekkorps en daarmee is de link gelegd dat vader Piet Kooiker ook bij het korps kwam. Toen de huizen aan de Tsjerkestrjitte waren gebouwd, had Tolman van de LABO een aantal woningen toegewezen gekregen voor het personeel van de LABO. Zo kwam de familie Kooiker op nummer 19 in de Tsjerkestrjitte te wonen. Tsjerkestrjitte 1961 Jaap zijn herinnering gaat verder: ‘Wij kwamen in Minnertsga wonen toe n de restauratie van de grote kerk in volle gang was. Er stond toen aan het begin van de straat een tijdelijke werkplaats t.b.v. de restauratie van deze kerk. Tijdens het plaatsen van de wijzerplaten aan de toren, mochten wij als jeugd mee helpen sjorren, om het geheel naar boven te krijgen. Zelf heb ik een groot deel van mijn jeugd in Minnertsga doorgebracht. Na tien jaar zijn mijn ouders in Leeuwarden gaan wonen. De LABO had daar ook een vestiging. Samen met mijn moeder heb ik nog gezongen in het koor “Fryske Stimmen” o.l.v. [...]

25 10, 2013

Herinnering aan mijn allereerste autoped

2013-10-25T10:34:42+00:0025 oktober 2013|1 Reactie

Wat was ik trots toen ik vroeger een spiksplinternieuwe autoped kreeg van mijn ouders. Niet dat die autoped alleen voor mij bestemd was, nee . . . . ik moest de autoped delen met mijn broertje. Maar die komt een paar jaar achter mij aan, dus daar had ik niet zoveel last van.   Als ik in mijn grijze geheugen omspit komen er beelden naar boven van mijn allereerste autoped. Ik heb het nu over de tijd 1959 – 1962. Het was een eenvoudig frame met een vernikkeld stuur waar het nikkel al flink vanaf gebladerd was. Het stuur was dan ook meer roestig dan dat het een mooi glimmend stuur was. Ook op het frame was weinig van de laklaag overgebleven en de kleine buitenbanden vertoonden schuurtjes; verouderd rubber dus. Spatschermen zaten er ook niet meer op. Achteraf gezien moet die autoped al jaren oud zijn geweest want hij was al flink afgejakkerd.   Tsjerkestrjitte omstreeks 1962 Het lijkt wel of het beeld van die oude autoped steeds sterker wordt naarmate ik probeer meer herinneringen op te halen over dat vervoermiddel. Het schiet mij te binnen dat er ergens nog een kleine foto moet zijn waar ik met die oude autoped op sta samen met mij broertje in de voortuin op de Tsjerkestrjitte. Uit de boekenkast pak ik de oude fotoalbums van mijn ouders. Tussen de ingeplakte foto’s is de foto die ik zoek niet te vinden. In één van de albums liggen enkele losse foto’s. Yes . . . . . . daar zit de foto tussen waar ik om zocht. De foto bevestigt mijn herinnering aan die oude autoped.   Innovatief vervoermiddel voor postbodes De autoped was een vervoermiddel waarmee je wereld ineens groter werd. Als je eenmaal het steppen onder de knie had, kon je je sneller verplaatsen. Zo was ik sneller onder het bereik van mijn ouders vandaan als wij zondag ’s middag een kuier maakten over het Sybrendykje en Dirkjebuorren.   Terug naar die spiksplinternieuwe autoped. Een paar details heb ik nog goed voor de geest; het was een rode autoped maar zonder rem. Het zal wel met de prijs te maken hebben gehad dat een ik een autoped zonder rem kreeg. Het rempedaal zat tegen het achterwiel aan; je kon er zo met je hak op drukken. Flink drukken en je stond zo stil.   De hulpmotor Bijna alle kinderen in de buurt hadden een zo’n autoped; de één nog mooier dan de andere. Wat niet echt door je ouders op prijs werd gesteld was dat je flink vaart maakte en dan onderweg vlug er vanaf stappen. De autoped reed dan nog met een flinke snelheid door zonder bestuurder om vervolgens met een klap op de straat tot stilstand kwam. Wie kon het verste komen?   Ik vroeg mij af waar het woord Autoped vandaan kwam, want het vervoermiddel had volgens mij niets te maken met ‘auto’. Op internet vond ik – dankzij Wikipedia – dat Autoped [...]

26 05, 2013

Opstellen van Bauke Jansz Miedema (1885 – 1900)

2013-05-26T09:00:25+00:0026 mei 2013|0 Reacties

Het familiearchief van de Miedema’s bevat een aantal prachtige oude foto’s, advertenties uit de krant, rouwbrieven, ondertrouwkaartjes en andere documenten die ik zorgvuldig bewaar. Ook zitten er twee hele oude schoolschriften in van Bauke Jansz Miedema. Het zijn prachtige met een kroontjes pen geschreven opstellen van een puber. Maar zijn die opstellen door hem zelf bedacht of heeft hij ze overgeschreven en wie was die Bauke?   Bauke is geboren op 26 november 1885. Hij was het eerste kind van Jan Hessels Miedema en Gelbrig Tuinhof. Bauke kreeg er later nog drie broertjes en twee zusjes bij. Hessel, Trijntje, Grietje, Andries en Johannes. Op 18 januari 1900 is het gezin Miedema in diepe rouw. Dat blijkt uit een geschrift, wat overigens een kopie is, dat bij de schoolschriften zit. Het is een briefje met een formaat van ongeveer een half A4-tje dat, aan de vouwlijnen te zien, klein opgevouwen is geweest. Vermoedelijk is het met de hand beschreven papiertje het officiële rouwbericht van de familie. De inhoud is als volgt: Hier rust het stoffelijk overschot van Bouke Jansz Miedema. Geboren te Minnertsga op 26 nov: 1885 Gestorven alhier 18 jan: 1900 Deze jeugdige bloem werd uit onzen huiselijken hof, helaas! te vroeg geplukt. Doch wij willen Gode zwijgen. [ zin onleesbaar] Werdt g’ons door God geleend. De tijd is om - de liefde weent. Toch is de Hoop verblijd; De liefde zucht: Het moet geschieden. De Hope juicht: Tot wederzien! Moeder Gelbrig Tuinhof Op de achterkant staat: 'Hoort, te midden van ’t treuren, Klinkt een welbekende stem: Ouders, wilt niet troostloos treuren. O, ik heb ’t zoo goed bij Hem! Hebt ge om mijn herstel gebeden. God gaf mij een beter lot, Kort geleefd is kort geleden. Vroeg gestorven, vroeg bij God!'. Hoe je deze tekst ook wilt interpreteren; bedroefdheid en hoop zijn in een paar zinnen verweven. Uit de zin: ‘Hebt ge om mijn herstel gebeden’, is op te merken dat Bauke kennelijk ziek is geweest en dat hij daarvan niet is herstelt. Wat zal er een verdriet zijn geweest in het gezin en de familie toen de 14-jarige ‘jeugdige bloem’ kwam te overlijden.         Vader Jan Hessels Miedema De twee schoolschriften van Bauke zijn door de nabestaanden zorgvuldig bewaard gebleven en waarschijnlijk gekoesterd als een aandenken. Immers het zijn opstellen die Bauke met zijn eigen hand heeft geschreven. Een prachtig handschrift waarop hij van de meester, op een enkele keer na, de beoordeling goed of zeer goed kreeg. Of Bauke de teksten ook zelf heeft bedacht, is nog maar de vraag. Het is haast niet voor te stellen dat zo’n jonge jongen zulke mooie geformuleerde zinnen maakt en dat hij al over die woordenschat beschikte die in zijn opstellen is te lezen. Waarschijnlijk kregen de leerlingen op school teksten voorgelegd die zij in schoonschrift over moesten schrijven. Bij een paar opstellen is de waardering van meester: matig. Daarmee doelt hij op het schoonschrift want je kunt zien dat Bauke die opstellen [...]

Ga naar de bovenkant