Over Gerryt

Deze auteur heeft nog geen informatie verstrekt.
So far Gerryt has created 316 blog entries.
25 10, 2013

Herinnering aan mijn allereerste autoped

2013-10-25T10:34:42+00:0025 oktober 2013|1 Reactie

Wat was ik trots toen ik vroeger een spiksplinternieuwe autoped kreeg van mijn ouders. Niet dat die autoped alleen voor mij bestemd was, nee . . . . ik moest de autoped delen met mijn broertje. Maar die komt een paar jaar achter mij aan, dus daar had ik niet zoveel last van.   Als ik in mijn grijze geheugen omspit komen er beelden naar boven van mijn allereerste autoped. Ik heb het nu over de tijd 1959 – 1962. Het was een eenvoudig frame met een vernikkeld stuur waar het nikkel al flink vanaf gebladerd was. Het stuur was dan ook meer roestig dan dat het een mooi glimmend stuur was. Ook op het frame was weinig van de laklaag overgebleven en de kleine buitenbanden vertoonden schuurtjes; verouderd rubber dus. Spatschermen zaten er ook niet meer op. Achteraf gezien moet die autoped al jaren oud zijn geweest want hij was al flink afgejakkerd.   Tsjerkestrjitte omstreeks 1962 Het lijkt wel of het beeld van die oude autoped steeds sterker wordt naarmate ik probeer meer herinneringen op te halen over dat vervoermiddel. Het schiet mij te binnen dat er ergens nog een kleine foto moet zijn waar ik met die oude autoped op sta samen met mij broertje in de voortuin op de Tsjerkestrjitte. Uit de boekenkast pak ik de oude fotoalbums van mijn ouders. Tussen de ingeplakte foto’s is de foto die ik zoek niet te vinden. In één van de albums liggen enkele losse foto’s. Yes . . . . . . daar zit de foto tussen waar ik om zocht. De foto bevestigt mijn herinnering aan die oude autoped.   Innovatief vervoermiddel voor postbodes De autoped was een vervoermiddel waarmee je wereld ineens groter werd. Als je eenmaal het steppen onder de knie had, kon je je sneller verplaatsen. Zo was ik sneller onder het bereik van mijn ouders vandaan als wij zondag ’s middag een kuier maakten over het Sybrendykje en Dirkjebuorren.   Terug naar die spiksplinternieuwe autoped. Een paar details heb ik nog goed voor de geest; het was een rode autoped maar zonder rem. Het zal wel met de prijs te maken hebben gehad dat een ik een autoped zonder rem kreeg. Het rempedaal zat tegen het achterwiel aan; je kon er zo met je hak op drukken. Flink drukken en je stond zo stil.   De hulpmotor Bijna alle kinderen in de buurt hadden een zo’n autoped; de één nog mooier dan de andere. Wat niet echt door je ouders op prijs werd gesteld was dat je flink vaart maakte en dan onderweg vlug er vanaf stappen. De autoped reed dan nog met een flinke snelheid door zonder bestuurder om vervolgens met een klap op de straat tot stilstand kwam. Wie kon het verste komen?   Ik vroeg mij af waar het woord Autoped vandaan kwam, want het vervoermiddel had volgens mij niets te maken met ‘auto’. Op internet vond ik – dankzij Wikipedia – dat Autoped [...]

7 09, 2013

Melkboer Jan Stallinga had primeur met rijdende winkel

2013-09-27T18:44:50+00:007 september 2013|1 Reactie

In de provincie Noord-Holland reden in 1966 er al een aantal. Maar Minnertsga had de primeur voor Friesland; een rijdende zuivel-zelfbedieningswinkel.  De Minnertsgaaster melkboer Jan Stallinga durfde het risico aan om in een tijd van branchevervaging te investeren in een rijdende winkel. Rijdende winkel van Jan Stallinga Tot in de jaren '60 van de vorige eeuw kon de detailhandel nog ingedeeld worden in talrijke van elkaar te onderscheiden categorieën. Naast de melkboer kenden we bijvoorbeeld de slager, bakker, groenteboer, de kruidenierswinkeltjes, de tabakswinkel en de manufacturenwinkel. Geleidelijk aan zag je gebeuren dat bepaalde winkels op elkaars terrein gingen komen. Kruideniers gingen bijvoorbeeld zuivelproducten, ‘fijne’ vleeswaren en tabaksartikelen verkopen. De kruideniers gingen over op zelfbedieningswinkels, dus kon ook de melkboer niet achterblijven in deze branchevervaging. Hij wilde op zijn beurt kruidenierswaren verkopen, maar daar had wel een ander vervoermiddel voor nodig dan de ‘brijkarre’; een driewieler met een trekmotor er voor. De detailhandelaar wilde in het algemeen liefst een groot mogelijk assortiment aan de huisvrouw aanbieden. Hoewel de ‘winkelman’ zijn kruidenierswinkel inmiddels had omgebouwd tot een zelfbedieningswinkel, bracht hij ook nog veel boodschappen bij de klant thuis. De ene dag noteerde hij bij de klant de bestelling in het winkelboekje en de volgende dag bracht hij de doos met boodschappen bij de klant. Met een zogenaamde rijdende winkel had je dat probleem niet. Hierin zag Jan Stallinga een gedurfde uitdaging. Het was een flinke stap vooruit als besluit een wagen aan te schaffen, waarin de klant zelf kan binnenkomen en zijn artikelen kan uitzoeken. Dat heeft voordelen: de klant hoeft niet meer in weer en wind niet meer bij de ‘brijkarre’ te staan wachten en hij vlak voor zijn eigen deur kiezen uit een vrij omvangrijk assortiment zuivel en kruidenierswaren. 'Brijkarre' vlnr: Folkert Hein Stellingwerf en Jan Stallinga met dochtertje Klaaske Anneke (bijschrift gewijzigd na reactie) Op 21 juli 1966 werd de eerste rijdende winkel van Friesland officieel in gebruik gesteld. Er waren nogal wat ‘pommeranten’ naar Minnertsga gekomen om Jan Stallinga en zijn familie alle succes te wensen met de nieuwe aanwinst. De officiële openingshandeling werd verricht door de burgemeester van de gemeente Barradeel, mevrouw De Roos en de heer C. Boonstra – de later veel meer bekend geworden Cor Boonstra – van de Friese Bond van Zelfstandige Melkhandelaren. Juist in een tijd dat in Barradeel de jongere bevolking wegtrok naar andere streken en de blijvende bevolking verouderde, was deze nieuwe vorm van Winkel-aan-huis een antwoord en tevens een antwoord op de branchevervaging die de kruideniers hadden ingezet. De heer Bloksma sprak namens de Middenstandsvereniging Barradeel en hij was het met de burgemeester eens, dat de middenstand in de gemeente alles doet om het de klant naar de zin te maken. Hij sprak de verwachting uit, dat de bevolking van Minnertsga de heer Stallinga dankbaar zal zijn voor deze nieuwe voorziening. Als laatste sprak Klaas Schotanus namens de middenstand in het dorp. Hij betrok in de gelukwensen ook de broers Hein en Oane Stellingwerf. Oane Stellingwerf [...]

24 08, 2013

Romke Wijngaarden reed met verduisterde koplampen (1939)

2013-09-11T16:45:23+00:0024 augustus 2013|0 Reacties

Vorige week kreeg ik een knipsel aangeboden uit het weekblad ‘Fan Fryske Groun’. Dit familieweekblad was in de jaren ’20 en ’30 van de vorige eeuw heel populair. Het blad was rijk geïllustreerd met foto’s van dorpen en landschap, maar ook van personen en gebeurtenissen die op dat moment actueel waren. Op het knipsel viel mij meteen de naam MINNERTSGA op daarom heb ik van het aanbod gebruik gemaakt en het knipsel in ontvangst genomen om het toe te voegen aan mijn Minnertsga-collectie. Uit Fan Fryske Groun (1939) Het knipsel is geplakt op een wit stukje stevig papier. Er is om het bijschrift heen geknipt, dus dat vertelt iets over de foto. Maar er is met potlood het jaartal 1939 bijgeschreven. Het bijschrift luidt als volgt: “Op straat . . . de autolampen worden zorgvuldig afgedekt, zoodat slechts een spleet van 5 cm bij 1 cm beneden het brandpunt open mocht blijven”. Wat is er aan de hand op deze foto? Voor, maar ook in de Tweede Wereldoorlog was er in ons land een zogenaamde Luchtbeschermingsdienst (LBD) actief. De oorlogsdreiging was in 1939 al zover gevorderd dat men overal in het land maatregelen trof om het land ’s nachts zo donker mogelijk te maken. Het verduisteren was ervoor bedoeld om het de piloten van vijandige vliegtuigen en bommenwerpers zo moeilijk mogelijk te maken zich te kunnen oriënteren boven land. Verlichting van huizen en andere gebouwen, straatverlichting en verlichting van fietsen en andere voertuigen moesten aan bepaalde verduisteringsmaatregelen voldoen. De mensen van de LBD, maar ook de agenten van rijks- en gemeentepolitie, controleerden of de verduisteringsmaatregelen wel voldoende werden nageleefd. Koplampen van auto's en fietsen mochten maar heel weinig licht uitstralen. Op de foto is te zien dat een agent een auto controleert waarvan de koplampen afgedekt zijn en er maar een heel klein spleetje zichtbaar is waardoor nog wat licht kon stralen. Maar van wie is nu die auto? Mooi dat het kenteken goed leesbaar is want dat maakt het gemakkelijk om te achterhalen aan wie het nummerbewijs (kenteken) is uitgegeven. Op de website van Tresoar zijn alle Friese nummerbewijzen tussen 1906 en 1950 terug te vinden. Het blijkt dat het kenteken is afgegeven in Barradeel op 31 maart 1924 aan Kornelis Wijngaarden en op 21 september 1928 op naam van zijn zoon Romke Wijngaarden is overgeschreven. Dus, wij hebben hier te maken met de auto van Romke Wijngaarden en dat wordt bevestigd door de naam Wijngaarden die helemaal linksboven op de voorruit nog net is te lezen. En . . . . het zou best eens kunnen zijn dat Romke achter het stuur zit en op het moment dat de foto werd gemaakt, net een kijkje onder dashboard neemt. De vader van Romke, Kornelis Wijngaarden, is geboren in Hijum en was eerst werkman maar startte later in Minnertsga een bodedienst (vrachtdienst). Van hem is een foto bewaard gebleven waarop hij in Leeuwarden met zijn twee paarden en wagen poseert. Later heeft hij dus een auto aangeschaft met [...]

18 08, 2013

Bewaard gebleven ‘SMS-bericht’ uit 1930

2013-09-08T05:41:16+00:0018 augustus 2013|0 Reacties

SMS, de afkorting van Short Message Service, is een dienst om met behulp van een mobile telefoon korte berichten te versturen en te ontvangen. Wie werkt er niet mee tegenwoordig. Zelfs de ‘pakes en beppes’ van nu ontkomen er niet aan om ook te kunnen SMS’en en een Facebook account te hebben. SMS; je tikt een maximaal aantal tekens in op het toetsenbord- of scherm van je mobile telefoon en je geeft aan naar wie je het bericht wilt toezenden. Klaar! Om korte berichten te versturen gebruikte je vroeger een briefkaart. Op een briefkaart kon je maar beperkte tekst kwijt – net zoals bij SMS – in tegenstelling tot een brief. Een briefkaart versturen was goedkoper dan een brief. Dus eigenlijk is een SMS-berichtje niets anders dan een digitale briefkaart versturen. In mijn Minnertsga-collectie bewaar ik een paar van die ‘ SMS-berichten’ die vroeger zijn verzonden. Eén daarvan is afkomstig van L. S. Brouwers en is verzonden op 25 augustus 1930. Brouwers schreef: ‘U stuurt toch wel even bericht wanneer wij moeten komen, nietwaar? In afwachting hoogachtend L.S. Brouwers’.   De briefkaart was gericht aan: Den heer B. Uilkema, aannemer, Roordahuizum en de adressering was meer dan voldoende om de briefkaart op de juiste plaats van bestemming te krijgen.   Lammerts Simons Brouwers had aan de Stasjonstrjitte een bedrijf in stal- en hijsinrichting. Hij was op zeer jonge leeftijd een tijdje in Amerika geweest en hij had daar kennis gemaakt met de ‘moderne’ stalinrichting. In 1919, toen Lammert Simons Brouwers weer in Minnertsga was, liet hij vanuit Amerika materiaal overkomen dat hij hier monteerde en verkocht aan boeren in de omgeving. Eén van de meeste succesvolle producten waar het Minnertsgaaster bedrijf groot mee is geworden, is de veedrinkbak. Later is het bedrijf naar Leeuwarden verhuisd en stond bekend als Brouwers Stalinrichting.   Klik op afbeelding voor volledig beeld

11 08, 2013

Peuterspeelzaal Hege Buorren geopend (1976)

2013-08-12T16:51:14+00:0011 augustus 2013|3 Reacties

In augustus 1976 werd in Minnertsga de eerste peuterspeelzaal van het dorp geopend. De driejarige kinderen Ingrind Karin  Post en Nynke Stienstra hebben de peuterspeelplaats aan de Hege Buorren officieel geopend. De twee meisjes trokken een laken weg, waarna de naam tevoorschijn kwam: “De Peutersoos”. In de deuropening de voorzitter van Plaatselijk Belang, de heer Sake Holwerda. Wie weet nog meer namen te noemen? Dertig kinderen maakten toen gebruik van de peuterspeelzaal. De heer Sake Holwerda, van Plaatselijk Belang, bracht vooraf hulde aan de mensen die hebben meegewerkt aan de totstandkoming van de speelzaal, waarbij hij in het bijzonder de heer A. Brandsma noemde. Anderhalf jaar geleden was men al met de peutspeelzaal begonnen in het naastgelegen verengingsgebouw, maar nu heeft men een eigen ruimte. De gemeente Barradeel gaf fl. 1500,00 subsidie. vier dames zullen ieder twee ochtenden in de week leiding geven aan de peuterspeelzaal: E. Stuivenberg-Muis, G. (Griet) de Boer-Zoodsma, H. Helfrich-Galema en J. (Janke) Stienstra-Lautenbach. Na de opening bekeken de genodigden de nieuwe ruimte en werden zij getrakteerd op koffie en oranjekoek. De peuterspeelzaal is vanaf 1976 tot 1983 gevestigd geweest in dit pand. Daarna is de peuterspeelzaal verhuist naar de Collot ‘d Escurystraat waarin vroeger de christelijke kleuterschool was gevestigd. Bron: Leeuwarder Courant 17 augustus 1976 Bildts Documentatiecentrum

Ga naar de bovenkant