Op zaterdagavond 12 oktober (2025) gaf Muziekvereniging Oranje een indrukwekkend concert onder de titel 80 JIER FRIJHEID. Het programma bestond uit acht aangrijpende 2-minutenverhalen over gebeurtenissen die zich tijdens en na de Tweede Wereldoorlog in Minnertsga hebben afgespeeld. Muziek en verhalen vulden elkaar op prachtige wijze aan en maakten diepe indruk op het publiek.
Na afloop van het concert kregen we meerdere verzoeken om de 2-minutenverhalen ook in de dorpskrant te publiceren, zodat ook degenen die niet aanwezig konden zijn kennis kunnen maken met deze bijzondere verhalen. In de dorpskrant is verhaal al gedupliceerd en daarom is het ook op deze website geplaats zodat er nog meer mensen het kunnen lezen.
BINNENLANDSE STRIJDKRACHTEN
Het is september 1944. In Nederland gonst het van geruchten. De geallieerden rukken op. De bevrijding lijkt nabij. Maar de chaos groeit. Het verzet is versnipperd, de spanning stijgt. Wat als de Duitsers zich plots terugtrekken? Wie bewaakt dan de bruggen, de dorpen, de mensen? Op dat cruciale moment ontstaat er iets nieuws. Een bundeling van moed, van verzet, van hoop. De Binnenlandse Strijdkrachten worden opgericht — kortweg de BS genoemd.
Voor het eerst komen de grote verzetsgroepen samen. De Landelijke Knokploegen, de Raad van Verzet, de Ordedienst. Mannen en vrouwen, jong en oud, uit steden en dorpen. Allen vastbesloten om hun land te helpen bevrijden — en te beschermen. De leiding komt in handen van Prins Bernhard. De blauwe overalls worden hun uniform. De armband met “Oranje BS” hun teken van trouw. Ze saboteren spoorlijnen. Ze brengen inlichtingen over aan de geallieerden. Ze bewaken bruggen, waken over de dorpen, arresteren collaborateurs. Soms met wapens, vaak met niets dan hun wil en lef. Slecht bewapend, vaak geïmproviseerd, maar met een ongekende vastberadenheid stonden ze klaar — op het moment dat het nodig was. Vanavond staan we ook even bij deze mannen stil.
De Binnenlandse Strijdkrachten van Minnertsga. Zij die opstonden uit de schaduw. Zij die hun leven riskeerden voor de vrijheid van anderen. Zij die met lege handen, maar met een volle ziel, zeiden: “Dit is óns land ons dorp. En wij geven het niet op.” Dorpsgenoten, mannen van het land. Van het water. Mannen met kennis van de natuur — en van wapens. Niet omdat ze soldaten waren, maar omdat ze jagers waren. Hun jachtgeweer werd verzet. Hun routine werd risico.

Dorpsgenoten: Sake Holwerda. Rinze Grijpma. Jan Liemes Galzema. Bouwe de With. Siebe Vrieswijk. Klaas Schotanus. Pieter de Haan.
Zij droegen geen uniform. Geen medaille. Maar zij stonden klaar. In stilte. In de schaduw. Ze kenden de sloten, de rietkragen, de weilanden waar je je kon verstoppen – en waar je kon toeslaan als het moest. Met lef. Met toewijding. En met het besef dat vrijheid niet vanzelf terug zou komen.


Geef een reactie